> Laatste nieuws

Laatste nieuws >

(28/12/2011)
"Het jaar 2602" op Amazon.com
De film "Het jaar 2602" kan nu ook op Amazon.com worden bekeken of binnengehaald. Click op http://www.amazon.com/The-Year-2602/dp/B005IXCZE8 dan heeft men de keus tussen bekijken voor $1.99 of downloaden voor $ 9.99.

(10/10/2011)
"Buitenkampers - De Kleur van Overleven", een nieuw filmproject
Wij hebben de handen ineengeslagen met Holland Harbour (Nadadja Kemper en Rob Vermeulen) en met Scarabee films. Regisseur Hetty Naaijkens-Retel Helmrich, bekend van "Contractpensions - Djangan loepah!", zal een film gaan maken met de voorlopige titel "Buitenkampers - De kleur van overleven", een film die de ervaringen belicht van Nederlanders die in WO-2 in Ned. Indië buiten de jappenkampen verbleven.
Veelal waren dat Indische Nederlanders - 'Buitenkampers' is een ander trefwoord. Zij hadden het moeilijk met overleven in een land dat zich onder leiding van de Japanse bezetter en de Indonesische nationalisten in toenemende mate tegen alles keerde wat Nederlands was, en dat waren en bleven zij, beginnend met pesterijen en eindigend met de moordende pemoeda's in de  bersiaptijd. Een en ander uiteindelijk na 1949 zijn vervolg vindend in lastige beslissingen over de keus tussen het koude vaderland en een moederland waar er eigenlijk voor hen geen plaats meer was.

Eenieder die over ervaringen passend in de film kan verhalen verzoeken wij te mailen naar vjb4245@gmail.com. Zeer beknopt graag, en stuurt u svp in dit stadium geen papieren verslagen. Uw mails worden doorgeleid naar de regisseur.

(05/08/2011)
DVD 'Het jaar 2602' verkrijgbaar in Baarn
De DVD van "Het jaar 2602" is nu verkrijgbaar bij Boekhandel Den Boer, Laanstraat 67, 3743BC Baarn. tel 035-5426851. Prijs € 15,00.

(10/11/2010)
'Het jaar 2602' aan Amerika's Westkust
Op 28 october 2010 draaide "Het jaar 2602" in de Pickford Cinema te Bellingham, State of Washington, Amerika's westkust. De film werd ingeleid door Mw Clara Olink Kelly, schrijfster van "De Flamboyant" (The Flamboya tree). Vijfenvijftig mensen bezochten de voorstelling, onder wie velen die eerder niets van deze geschiedenis afwisten.

(04/12/2010)
Films over de Japanse bezetting van Azië


Na de succesvolle lancering van de film ‘Het jaar 2602, Kinderverhalen uit het jappenkamp’ bereiden wij een film voor die de, veelal Indische, Nederlanders belicht die buiten de jappenkampen in bezet Nederlands-Indië moesten overleven – en na Indonesië’s onafhankelijkheid moeilijke keuzes moesten maken tussen moederland en vaderland. Zie hiervoor elders op deze website.

Met die verbreding van onze activiteiten is het interessant om te zien wat er zoal is uitgebracht aan bioscoopfilms die betrekking hebben op de Japanse bezetting van Indië en andere landen van Azië. Onder deze films zijn zowel speelfilms als documentaires.
Voor het realiseren van een speelfilm is het één ander nodig: Geld. Het begint met zeker 10 miljoen Euro, maar kan behoorlijk oplopen. Een geloofwaardig schouwspel. Veel locaties in Indonesië zijn inmiddels flink op de schop genomen, maar daar kan je soms omheen werken. Acteurs moeten op enig moment in de film magere acteurs zijn. Pakkend scenario. Het publiek moet de film vrijwillig gaan zien, het gaat om entertainment value. Dat betekent meestal dat men een eventueel historisch correct scenario herschrijft en er spanningsvelden in aanbrengt zoals liefdesrelaties dwars door de strijdende partijen heen, en andere (loyaliteits)conflicten.
NB: Titels die in Nederland (nog) op dvd verkrijgbaar zijn zijn gemerkt met *. De onderstaande lijst is vast niet compleet en wij laten ons graag door u op het spoor zetten van andere bioscoopfilms over het onderwerp.
Mail ons met vragen en aanvullingen op vjb4245@gmail.com.

  • Three came home *. 1950. Naar een autobiografisch boek van Agnes Newton Keith over ervaringen van een door de Japanners in Brits Noord Borneo geïnterneerd gezin. Japanse kampcommandant is van goede wil maar durft niet in te grijpen als de kampbewakers de geïnterneerden mishandelen.104 min.
  • A town like Alice. 1956. Naar een boek van Nevil Shute, die het hem door een Nederlandse dame vertelde verhaal voor Britten verteerbaar maakte door de hoofdpersoon als Britse op te voeren.
  • Blanke huid, gele commandant. 1960. Regie: Manao Horiuchi. De film veroorzaakte protest in Nederland, want te rooskleurig bevonden. De ‘goede’ Japanse kampcommandant Yamaji Tadashi beheert in WO-2 het vrouwenkamp Kampili in Celebes. Met adhesie van de vrouwen wordt Yamaji aan het eind van de film vrijgesproken van oorlogsmisdaden.
  • King Rat. (1965) Naar gelijknamig boek van James Clavell, die zijn eigen kampervaringen in Singapore hier verwerkt. George Segal speelt Korporaal King, buiten het kamp onbetekenend, maar binnen het kamp oppermachtig.
  • The Bridge on the River Kwai *. 1957. Een krijgsgevangenkamp aan de Birma-Siam spoorweg. De film sleutelt aan de werkelijkheid teneinde de spanning erin te krijgen, in dit geval tussen de Britse commandant der krijgsgevangenen die in zijn trotse obsessie met het afleveren van goede bruggenbouw lijnrecht staat tegenover de vastbeslotenheid van de Geallieerden tot het vernielen van dat mooie werk. Voor het gemak tref je in de film voornamelijk Britten als krijgsgevangenen aan.
  • Merry Christmas Mr. Lawrence*. 1983 Japanse filmmaker Nagisa Oshima regisseerde de film naar een boek van Laurens van der Post "The seed and the sower", een spannend verhaal over krijgsgevangenen en hun Japanse gevangenbewaarders. Een geestelijke krachtmeting tussen opstandige gevangene David Bowie en kampcommandant Ryuichi Sakomoto.
  • Empire of the Sun *. 1987. 153 minuten. Regisseur Steven Spielberg laat de WO-2 in China nabij Shanghai zien door de ogen van een klein Engels jongetje, Jim Graham, opgesloten in een Japans gevangenenkamp. Zijn fantasie is zijn wapen om te overleven.
  • Paradise Road *. 1997. 120 minuten. Een waar gebeurd verhaal uit Sumatra, dat voor Britse kijkers door scenarioschrijver Bruce Beresford aantrekkelijker is gemaakt door Britse vrouwen erin extra te belichten en de film te laten beginnen met een prachtige scène in Singapore. Een boeiend contrast tussen de zuivere koorzang enerzijds en de ellende van de internering anderzijds, aangesterkt met spanningen tussen Britse en Nederlandse vrouwen.
  • Gordel van Smaragd *. 1997. Regie Orlow Seunke. Speelt voor, tijdens en na de oorlog in Indië. Een scenario vol wrijving en tegenstellingen: Jonge kerel (Pierre Bokma) kaapt in Indië aantrekkelijke jonge Indische vrouw (Esmée de la Bretonnière) weg van haar oudere man. De oorlog en de Japanners komen, de jonge kerel wordt gevangengezet en werkt zich door ontsnappingspoging in de nesten. Vrouw deelt bed met Japanse commandant teneinde haar man het leven te redden. De oorlog is voorbij maar begint nu tussen Nederland en de Indonesiërs. De Indische vrouw krijgt van haar familie levensreddende info over ophanden zijnde aanslagen. Uiteindelijk maakt haar man zich op voor terugkeer naar Nederland, maar zij blijft op het laatste moment achter, kiezend voor familie en moederland.
  • Sonja’s dagboek (Sonja's diary). 1997. TV film, lengte 50min. In Nederland en op locatie in Ambarawa gemaaktin opdracht van NHK door Japanners, die een film wilden maken naar analogie van Anne Frank met het bij het NIOD gevonden dagboek van Sonja Paardekooper. Sonja maakte dat dagboek voor haar vader niet wetend dat hij al in februari 1942 was gesneuveld. Deze Japanse film is objectief en met veel gevoel gemaakt. In Tokio éénmaal op de TV vertoond (700'000 kijkers). J R Mellema was bij de opnames in Nederland betrokken. Meer informatie? Mail vjb4245@gmail.com.   
  • Murudeka 17805 (Independence). 2001. 122 minuten. Regie: Yukio Fuji. Japanse film waarin Japan's rol in WO-2 vooral wordt belicht als brenger van Indonesië's onafhankelijkheid. Omstreden in zowel Nederland als Indonesië.
  • Soerabaja Surabaya. 2006. Een 50 minuten documentaire van Peter Hoogendijk over de Slag om Soerabaja belicht Nederlandse slachtoffers, Indonesische pemoeda-veteranen en het Brits-Indische leger in de strijd om deze stad in de Bersiaptijd 1945.
  • Contractpensions Djangan Loepah*. 2008. 80 minuten. Een film van Hetty Naaijkens - Retel Helmrich. Na een korte historische inleiding belicht deze film de evacuatie van veelal Indische Nederlanders die toch nog plotseling naar Nederland kwamen en door de Regering in contractpensions werden gehuisvest. In de film blikken de toenmalige bewoners en pensionhouders terug.
  • Het jaar 2602*. 2009. De 92 minuten durende documentaire is gemaakt in opdracht van de Stichting Verfilming Japanse Burgerkampen 1942-45. Regie André van der Hout en Linda Lyklema. Lovende kritieken, en in 2009 op nationale TV vertoond (285'000 kijkers). De film is nog verkrijgbaar op dvd. Mail ons op vjb4245@gmail.com.
  • The Railway Man. 2012+. Regisseur: Jonathan Teplitzky Producent Lionsgate. Opnames beginnen 2012. Naar het waargebeurde verhaal van Eric Lomax, in de Tweede Wereldoorlog als krijgsgevangene aan de 'death railway' tewerk gesteld.


(18/08/2010)
Verlaagde prijs van DVD 'Het jaar 2602'
Wij hebben de verkoopsprijs van de DVD verlaagd tot
€ 15,-. Daar komen eventueel € 1,95 kosten voor verzending bij. Deze prijzen gelden slechts voor directe aankoop bij de Stichting, of bestellingen geplaatst via vjb4245@gmail.com


(06/08/2010)
Veranderd besteladres voor DVD bestellers
Het dvd besteladres dvd @ hetjaar2602.nl werkt niet meer. Gebruikt u voortaan alleen ons reguliere mailadres voor het bestellen van dvd's van 'Het Jaar 2602'

    vjb4245@gmail.com


(09/04/2010)
REGIEVISIE

Voor onze volgende film, over de Nederlanders die buiten de kampen bleven, legt André van der Hout uit hoe hij in dit project staat:

Het is altijd lastig een opvolger te maken. Na de film over het kabinet Den Uyl, maakte ik liever een speelfilm dan een documentaire over het kabinet Lubbers. Na Het Jaar 2602 schreef ik liever een nieuwe serie lichtvoetige en goeddeels onware documentaires dan mij nogmaals naar oorlog of kamp te begeven. Toch bleef het kriebelen. We zijn na 2602 nog niet uitverteld. De destijds gemaakte consequente keuze voor vaak naïeve blanke kinderverhalen uit het Jappenkamp heeft weliswaar een monumentaal verhaal opgeleverd, maar stelde tegelijkertijd een andere minstens zo relevante geschiedenis in de schaduw.

Met ‘De kleur van overleven’ geven we stem aan de Nederlands-Indische kinderen, die tijdens de oorlog over het algemeen niet werden geïnterneerd. Beter af, op het eerste gezicht. Hun drama speelde zich echter pas af toen Japan al had gecapituleerd. Het is een luguber spel met identiteit en afkomst, waarin bloedzuiverheid en loyaliteit terugkerende motieven zijn. Buiten het kamp gebleven en uiteindelijk tussen wal en schip beland.
Net als HET JAAR 2602 is ‘De kleur van overleven’ een onopgesmukte oral history, sober en nauwgezet. Concreetheid en aandacht voor detail voeren zowel de vertellers als de kijkers terug naar vroeger. En ook hier is de som van de verhalen belangrijker dan individueel medeleven. De kaders zijn onveranderlijk en zakelijk, de vertelling zo feitelijk mogelijk, maar toch indringend en schrijnend. Inzichten achteraf en waardeoordelen worden waar mogelijk buiten de deur gehouden.

Ten opzichte HET JAAR 2602 zijn de verschillen minstens zo belangrijk. Meest in het oog springend is de kleur van de vertellers. Indo’s in verschillende gradaties, bruine gezichten, blanke verhalen, wat op zich al tekenend is voor de spagaat waar deze groep zich in bevindt. Ook ligt de nadruk vooral op de Bersiap, de oorlog na de oorlog, de periode waarin duidelijk wordt dat er geen weg terug is naar koloniale zekerheden. Tenslotte verschuiven we het accent naar kinderen op de drempel van de volwassenheid. Wat we nu ‘pubers’ zouden noemen. Een leeftijdsgroep waarbij het ontdekken van de eigen identiteit een grote rol speelt. De grimmige situatie waar deze groep zich in bevindt geeft aan dit universele thema een wel zeer bijzondere lading.

‘De kleur van overleven’ is daarom geen opvolger. Het is een volwaardige nieuwe film ‘naast’ in plaats van ‘na’ 2602. Met dezelfde vormvastheid, maar met een nieuwe invalshoek in het merkwaardige naoorlogse landschap waarin machtsposities razendsnel wisselen, waarin overheerser en slachtoffer elkaar moeiteloos afwisselen en de keus voor zekerheden gemakkelijk op drijfzand gebaseerd kan zijn. En terwijl we nog in de research voor deze film zitten tekenen zich al de contouren af van een derde deel in het drieluik. Na de blanke kinderen in het Jappenkamp, deze gekleurde pubers tussen wal en schip, maken straks in deel drie de jong volwassenen hun opwachting die vanaf 1947 uit Nederland vertrekken om ‘ons’ Indië terug te veroveren op de Indonesiërs.


(18/01/2010)
In memoriam Edgar Vos (geboren 1931, Makassar)

Toen ik enigszins verlegen aan Edgar vroeg of hij in ons comité van aanbeveling wilde zitten , twijfelde hij geen seconde. Hij had iets met het vroegere Indië, maar wat wist ik niet. Het boek over zijn leven en werk lag al jaren naast mijn bed om gelezen te worden en ik kwam er niet toe, waarschijnlijk, omdat ik er zelf ook in had geschreven. Als je het tien jaar later pas terug leest ben je minder kritisch op jezelf.
Op de voorkant van het boek stond een foto van een mooie vrouw in een romantisch gewaad in een warm land met de kleine Edgar op haar armen. Geen baboe, maar zijn moeder.
Edgar Vos, een van onze grootste couturiers heb ik leren kennen omdat ik van mode houd en ik door mijn vak als actrice er gelukkig ook vaak mee in aanraking kwam.

Het motto van Edgar was â€vrouwen mooier maken “ en niet alleen modellen maar vooral de vrouwen met echte mensenmaten.
Van actrice tot huisvrouw, iedereen kon hij mooier maken. De jurken van Edgar werden je vrienden evenals als de ontwerper zelf.
Nadat ik het verhaal van Edgar over zijn Indië-ervaringen in het Jappenkamp, door hem zelf verteld in de film “Het jaar 2602â€, geschokt heb aangehoord en later las over de onmogelijke liefde na de oorlog voor en van zijn moeder, heb ik het gevoel , dat we allemaal zijn moeder zijn geweest die hij mooi heeft willen aankleden.

Edgar, we zullen je elegante, aimabele en een tikje ondoorgrondelijke aanwezigheid missen.

Willeke van Ammelrooy


(16/01/2010)
Edgar Vos

Op 13 januari is Edgar Vos overleden. Beroemd in de modewereld, en dat staat terecht in alle kranten, maar voor onze Stichting heeft Edgar op een andere manier veel betekend: vanuit zijn Indische jeugd. In de tijd dat de Stichting Verfilming Japanse Burgerkampen 1942-45 het filmproject op de rails zette ondersteunde hij ons door zitting te nemen in het Comité van Aanbeveling. Toen het tot verfilmen van 'Het jaar 2602' kwam werd Edgar een van de 19 vertellers, met een aangrijpend relaas rond zijn internering in het kamp Ambarawa (het volledige vraaggesprek kunt u, in audio, terugvinden.
Klik hier - daarna rechtsonder op de open bolletjes, om het verhaal in gang te zetten of te houden).

Wij blijven Edgar Vos dankbaar voor zijn steun aan onze Stichting en zijn belangrijke bijdrage als verteller in de film 'Het jaar 2602'.

(14/01/2010)
Bestuursmutaties
Jan van der Dussen heeft het voorzitterschap overgedragen aan Luuk Wiertsema, die tevens penningmeester blijft. Jan blijft ons van advies dienen in de toekomst. Ook Bart Gleichman (tweede penningmeester) treedt per 14 januari terug.
Tot het bestuur treedt toe Mw A.C. (Tine) van Ommen-Douwes.

Op de besuursvergadering van 14 januari 2010 heeft een en ander zijn beslag gekregen. Luuk Wiertsema dankte de twee vertrekkende bestuursleden en adviseur Willeke van Ammelrooy voor hun cruciale inzet bij het op de rails zetten en succesvol completeren van de eerste film van de Stichting
.

(10/11/2009)
Buitenkampers

De Stichting Verfilming Japanse Burgerkampen 1942-45 zoekt mensen die de oorlog in bezet Nederlands-Indië buiten de kampen doorbrachten.

Najaar 2009 zijn de voorbereidingen gestart voor een documentaire over 'de buitenkampers', een noodzakelijk vervolg op Het Jaar 2602, de oral history documentaire over de Japanse interneringskampen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Het gaat hier over de belangrijke groep van de "Buitenkampers": Nederlanders, die in WO-II buiten de Japanse kampen moesten overleven in een steeds vijandiger wordende omgeving. Met propaganda hoopten de Japanners deze grotendeels Indo-Europese groep aan hun kant te krijgen, maar met weinig succes: de meeste Indische Nederlanders bleven zich identificeren met Nederland. Het verzet uit deze groep werd in 1942-43 hard door de Japanse politie gebroken.

Gaandeweg geïsoleerd van de Indonesische bevolking, die merendeels met de bezetter meewerkte, werden de Indische Nederlanders - en de Chinese peranakan - het mikpunt van bedreigingen vanuit de Indonesiërs, die in hen een vijfde colonne zagen bij een mogelijke geallieerde landing. Toen Indonesië zich na de Japanse capitulatie onafhankelijk verklaarde, richtte de volkswoede zich voluit op deze groep, die in hun midden woonde, en daardoor zeer kwetsbaar was.

Uit de groep "buitenkampers" zijn relatief weinig documenten of dagboeken beschikbaar. Tot ver in de negentiger jaren was hun geschiedenis nauwelijks bekend. Maar nu zal deze periode door de makers van Het Jaar 2602 voor het voetlicht gebracht worden voor de toekomst. De film over de buitenkampers bouwt opnieuw op oral history, waartoe een groot aantal mensen geïnterviewd zal worden. Voor die vraaggesprekken zoeken wij nu mensen die hun verhaal willen vertellen of die anderen kennen wier verhaal verteld moet worden.

Geïnteresseerd? Neemt u dan contact op met de Stichting Verfilming Japanse Burgerkampen 1942-45, via vjb4245@gmail.com.
Begin 2011 zal deze film over de Buitenkampers verschijnen. Het laatste nieuws erover vindt u op deze website.


(01/09/2009)
DVD "Het jaar 2602", winkelprijs € 17,95 (voor verlaagde prijs
€ 15,- zie 18/08/2010 hierboven)

Afspeelbaarheid
Deze "regio-vrije" dvd heeft Engelse ondertitels beschikbaar. Hij werkt op dvd spelers van het PAL systeem, in Europa en de meeste andere landen. In de US afspeelbaar op multi-system dvd spelers, en natuurlijk op elke moderne computer.

Inhoud

Op de dvd staan naast de documentaire ook drie unieke korte films:
(i) Een heerlijke jeugd:
bijzonder archiefmateriaal van voor de oorlog uit diverse familie-archieven
(ii) Naar Nederland (Karin Mulder):
een archieffilm over de terugreis naar Nederland inclusief het bezoek aan Attaka.
(iii) Het verhaal van een moeder (Willeke van Ammelrooy): Nell van de Graaf vertelt hoe zij met haar vier kinderen het kamp overleefde.

Bestellen per mail
Mail naar vjb4245@gmail.com
U krijgt instructies voor het overmaken. Aflevering van de dvd volgt kort op ons vaststellen
dat uw overmaking is gelukt.

Online bestellen
Klik hier  . Na 15 seconden geduld ziet u de gewenste knop midden op het scherm
(betaling met credit card ook mogelijk)

Over de toonbank
  • Bennekom: Boekhandel Bruna (0318-420001)
  • Wageningen: Boekhandel Kniphorst (0317-424242)
  • Den Haag: Museon winkel (070-3381338)

Diverse Winkels: Van Leest, De Bijenkorf, Plato en Van Stockum

Online bestellen Klik hier
Na 15 seconden geduld ziet u de gewenste knop midden op het scherm

(20/08/2009)
273000 kijkers op nationale TV
'Het jaar 2602', op TV vertoond, op 13 augustus 2009 op Nederland 2 behaalde daar het kijkcijfer van 273000. In aanmerking genomen het late tijdstip van vertoning (22:45) zijn wij zeer tevreden. Via "Uitzending gemist" kunt u de film nog online zien - maar de dvd is natuurlijk wel beter!

(20/08/2009)
Website www.hetjaar2602.nl
Op 15 augustus 2009 werd ook de website van 'Het Jaar 2602' gelanceerd. De website is ontworpen rondom het fotoproject van de gerenommeerde fotograaf Dana Lixenberg.
Dana Lixenberg heeft van 27 voormalige kampkinderen een indrukwekkende fotoserie gemaakt. Naast deze fotoserie kunt u hun respectieve verhalen beluisteren via een audio-interview. U kunt per persoon door de verhalen heen of u de verhalen beluisteren per thema. Uniek: u kunt uw eigen playlist samenstellen met door u gekozen audiofragmenten. Dit alles gecombineerd met historische achtergrondinformatie en een uitgebreide verklarende woordenlijst.

De website is overgedragen aan het Museon in Den Haag. Er is daar tevens een kleine tentoonstelling, te zien op 1-30 augustus 2009.

17/07/2009)
Lespakket
Gekoppeld aan de website wordt speciaal lesmateriaal ontwikkeld in samenwerking met de educatieve uitgeverij Malmberg. Productie is onlangs begonnen. Het lesmateriaal isl vanaf het volgende schooljaar beschikbaar voor het Nederlandse basis,- en vervolgonderwijs.

(08/05/2009)
Interview met André van der Hout
Over achtergronden bij het maken van de film. Click op:

Trailer: http://www.hollandharbour.nl/hollandharbour/Documentary.html


Recensies
Kranten en internet sites. Click op:
KJBB: http://www.kjbb.nl/ Click op "nieuws"
Foknieuws: http://frontpage.fok.nl/review/9539/-Film:-Het-Jaar-2602.html

Rob Veerman: http://www.movie2movie.nl/index.php?item=190&film=90814&resultSearch=2602
Gem Lejarde: http://www.movie2movie.nl/p90814-Preview-Het-Jaar-2602.html
Mark Moorman: http://www.noordhollandsdagblad.nl/nieuws/cultuur/filmrecensies/article4669417.ece/Het_jaar_2602_kinderverhalen_uit_het_jappenkamp
Guido Franken: http://www.neerlandsfilmdoek.nl/?p=2055
André Waardenburg: http://www.nrc.nl/film/article2233954.ece/Het_jaar_2602._Kinderverhalen_uit_het_Jappenkamp
Volkskrant: http://www.cinema.nl/films/4846278/het-jaar-2602-kinderverhalen-uit-het-jappenkamp
Gooi en Eembode: http://www.echo.nl/ge-bu/buurt/lees/849336/mensen.hebben.geen.idee.hoe.het.er.aan.toe.is.gegaan/

(06/05/2009)
Radio interview met Hank Heijn
In het kader van de lancering van de documentaire Het Jaar 2602, was Hank Heijn - Engel 6 mei 2009 te gast in het NPS-radioprogramma "Dichtbij Nederland" van Radio 5.  Via de website kan de uitzending ook nu nog beluisterd worden. Click op http://cgi.omroep.nl/cgi-bin/streams?/radio5/nps/dichtbijnederland/20090506-23.wma . Wilt u meteen door naar het vraaggesprek spoel dan door naar minuut 31:49


NRC Handelsblad
De krant van 6 mei 2009 heeft een prima
recensie met 4 bolletjes.
Te gruwelijk voor gevoelens
Het jaar 2602. Kinderverhalen uit het Jappenkamp.
Regie: André 'van der Hout en Linda Lyklema.
In: 5 bioscopen.
••••○
Door ANDRÉ WAARDENBURG

In 1942 bezet Japan Nederlands-Indië en voortaan moeten ook Nederlanders gehoorzaamheid aan , de Japanse keizer zweren. De Japanners voeren hun kalender in, het is vanaf dat moment het jaar 2602. De gelijknamige documentaire van André van der Hout en Linda Lyklema vertelt aan de hand van interviews met overlevenden van het Jappenkamp over hun ervaringen. Alle geïnterviewden waren tussen de vier en achttien toen ze in het kamp terechtkwamen. In stemmig belichte huiskamers doen zij hun verhaal: van het begin van de Japanse bezetting tot aan de moeizame naoorlogse repatriëring.
De interviews zijn doorsneden met mooi beeldmateriaal. Dat is coregisseur André van der Hout wel toevertrouwd, in zijn eerdere films De arm van Jezus (2003) en Het zwijgen (2006) maakte hij ook al gebruik van prachtig archiefmateriaal dat vrijwel niet eerder te zien is geweest. Vooral de filmpjes met Japanse propaganda geven uitstekend weer hoe schrijnend de discrepantie is tussen de inhoud van de propaganda en de nare ervaringen in het kamp, de dagelijkse realiteit van leven en dood. Net zoals andere archiefbeelden van spelende kinderen een onschuld ademen die na 1942 verloren zou gaan.
De ogenschijnlijk emotieloze manier van het ophalen van herinneringen, maakt de meeste indruk. Het verdriet is ver weggestopt, anders is het leven ondraaglijk. Zo vertelt een man uiterlijk onbewogen hoe zijn broer het leven liet: toen de Jappen hem en zijn broer oppakten voor een klein vergrijp werden ze met de handen op hun rug opgehangen in de felle zon. Ze mochten veel water drinken, waarna hen te verstaan werd gegeven dat ze zouden worden doodgeschoten als ze in hun broek zouden plassen. Uit angst toch te plassen, hield zijn broer het zo lang op tot zijn blaas knapte en hij overleed.
Het knappe van de documentaire is dat deze en andere gruwelijke getuigenissen uiterst sober worden gebracht. De mensen vertellen hun verhaal, de camera beweegt niet en blijft op respectabele afstand. Dat is genoeg.

(23/01/2009)
Beelden voor de Toekomst
Het Filmmuseum gaat "Het jaar 2602" ook op 35mm film vastleggen, in het kader van het project "Beelden voor de Toekomst" waarin films met meer dan voorbijgaande waarde worden veiliggesteld voor de toekomstige generaties. Het is voor het Filmmuseum een pilot project: de eerste nieuwe film die ze zo gaan vastleggen.

(15/01/2009)
Reacties op de film 'Het jaar 2602' en de première
Onze film lijkt goed te zijn ontvangen. Maar op enige Indische blogs wordt – soms nogal heftige – kritiek geleverd. Deze sterk verschillende reacties zijn alleen te begrijpen als een onderscheid wordt gemaakt tussen de beoordeling van de film op zichzelf en het karakter van de ‘Indische Middag’ op 11 januari, waar de première van de film werd vertoond.

De film Het Jaar 2602 is op de ondertiteling van het affiche aangekondigd als 'kinderverhalen uit het jappenkamp'. Dus geen pretentie om een beeld te geven van het leven van àl de Nederlanders onder Japanse bezetting. Had hij die pretentie wel gehad dan had hij ook moeten gaan over de buitenkampers, de krijgsgevangenen in Indië, Birma, Thailand en Japan, maar ook over de mannenkampen en de ‘troostmeisjes’. En deze opsomming is ongetwijfeld nog niet volledig. Dan was het een film met vele afleveringen geworden, volstrekt onmogelijk voor een film die, conform de voorwaarden voor de subsidie, in hooguit anderhalf jaar moest worden geproduceerd, om van de kosten nog maar te zwijgen.

Focus
De focus van de film volgt uit zijn ontstaansgeschiedenis: een drietal mensen met een jappenkampachtergrond realiseert zich dat de verhalen die zij uit geheel verschillende kampen meedragen, toch naadloos bij elkaar aansluiten en overlappen. Omstreeks die tijd, in 2002, start de culturele poot van de Stichting Het Gebaar. Men richt de Stichting Verfilming Japanse Burgerkampen 1942-45 op, zoekt daarvoor steun bij de achterban en doet een subsidieaanvraag. Deze wordt uiteindelijk gehonoreerd als één van de 409 collectieve en persoonlijke projecten (zie http://www.gebaar.nl/ en klik op "gehonoreerde projecten"). Onze film is onder die projecten de enige grote documentaire over Nederlanders tijdens de oorlog in Nederlands-Indië, maar gaat niet over àl die Nederlanders.
Twee vragen:
(1) Waarom ontbreekt er in die zeer gevarieerde projecten een documentaire over de Nederlandse 'buitenkampers'? Waarschijnlijk omdat er daarvoor destijds geen plannen vanuit die hoek zijn ingediend.
(2)
Waarom hebben wij in onze film niet ook de wederwaardigheden van de Nederlanders buiten de kampen belicht? Dat komt vanuit de praktische overweging dat de verschillen tussen de ervaringen binnen en buiten de kampen groot zijn. Als je beide ervaringen zou willen belichten moet er ongeveer evenveel aandacht aan worden besteed. Dan ga je op elk van beide onderwerpen dus half zo diep in - of maakt een onhandelbare film van dubbele lengte.
Zoals gezegd, die jappenkampervaringen zijn vergelijkbaar, dwars door alle kampen en de gemeenschappelijke ervaringen heen: mannen werden van vrouwen en kinderen gescheiden, later werden de jongens van 10+ jaar oud nog van de moeders gescheiden; een dicht op elkaar gepakt bestaan waarin binnen de groep gevangenen een sociale orde ontstond of werd opgelegd; de totale afhankelijkheid van het door de Japanners verstrekte voedsel, met uiteindelijk rampzalige honger; geen bewegingsvrijheid om zelf voedsel te regelen, want gedèkken was verboden; een uniform opgelegd gestructureerd regime inclusief dagelijkse appèls, gymnastiek, werken in tuinen, gaarkeukens; het gesleep van het ene kamp naar het andere, in gesloten treinwagons zonder enige toiletfaciliteit en dat gedurende zo'n twintig uur of meer; het volledig isolement waarin de kampbewoners leefden, onkundig van wat er om hen heen gebeurde; de totale verrassing in de bersiaptijd door de omslag van de houding van de Indonesiërs. En ja, de mensen in de burgerkampen waren als gevolg van de etnische indeling die de Japanners invoerden, voor het overgrote deel Europese Nederlanders. Niet uitsluitend, want mensen binnen één enkel gezin vielen soms onder twee categorieën, en gingen dan allemaal het kamp in of bleven er buiten. Ook om onduidelijke andere redenen werden soms Indo-Europeanen geïnterneerd. Van de negentien in de film optredende kampoverlevenden waren er zeker drie van niet geheel Europese afkomst, maar allen waren in Indië geboren.
Overigens bevatten de krijgsgevangenenkampen alle etnische gradaties van Nederlanders. Daarover geen misverstand.

Dit alles lag geheel of deels anders bij de buitenkampers. Zij waren veelal Nederlanders met ergens een niet-westerse voorouder. Deze etnische classificatie in gradaties van Europese afkomst bestond in het geheel niet in de burgerlijke stand van Nederlands-Indië, het was een uitvinding van het Japanse bewind. Buitenkampers hebben andere kenmerkende ervaringen: een leven midden in een wantrouwige omgeving; verdacht door nationalistische Indonesiërs en het mikpunt van pogingen van de Japanners hen los te weken van hun diep gevoelde Nederlandse identiteit. De bersiaptijd raakte de buitenkampers meer dan de kampbewoners. De laatsten konden vaak bescherming vinden binnen de kampen, terwijl de buitenkampers overgeleverd waren aan de moordlustige grillen van opgefokte pemoeda's. En de repatriëring was vaak, anders dan het woord suggereert, een eerste kennismaking met het "vaderland".

Werkwijze in de filmproductie

Bij het maken van de film stuitte men op het probleem dat filmmateriaal uit de kampen geheel afwezig is. Men had wel documentaire film van drie maanden na Japan's capitulatie (ik vermijd het woord 'bevrijding') en er waren Japanse propagandafilms. De keuze viel zo op oral history. Er wordt in de film zeer zuinig omgegaan met extra uitleg en ondertiteling: de kinderen van toen moesten hun eigen verhaal vertellen, zonder tweedehands informatie of uitleg te geven. Uitleg over buitenkampers past niet in dat formaat, en evenmin komt uitleg over de etnische samenstelling van de kampbewoners voorbij in de verhalen van kinderen: die hielden zich daar niet zo mee bezig.

De première
De dubbelvoorstelling op 11 januari 2009 ging onder de titel 'Indische middag'. Het woord 'Indisch' heeft meer dan één betekenis. In etnische zin is het uitwisselbaar met 'Indo-Europeaan', kortweg Indo. Maar cultureel is het iets ruimer, en slaat het niet alleen op ‘Indo-uitingen’ maar ook op het culturele raakvlak in het algemeen tussen de Nederlandse gemeenschap en de toenmalige kolonie. Zo kennen wij ook nu in Nederland het 'Indisch Platform', een koepel van verenigingen die niet alleen de Indische Nederlanders bedienen.
Enige bezoekers verwachtten twee films die beide het verhaal van alle Nederlanders in en na de oorlog vertelden, maar kregen eerst een film die voornamelijk Europese Nederlanders liet zien, en na de pauze een tweede, die vrijwel uitsluitend over Indische Nederlanders ging. Dat was een misverstand maar het zette wel de toon van enige heftige reacties.
Bovendien was de voorstelling voor 'Het jaar 2602' de allereerste openbare vertoning, terwijl 'Contractpensions' al enige malen eerder had gedraaid. Onder de bezoekers aan de Indische middag was een groot aantal mensen die zelf betrokken waren bij de totstandkoming van 'Het jaar 2602', en dus direct daarna grote behoefte hadden aan ontlading en nakaarten. Een significant aantal bezoekers had bovendien 'Contractpensions' al eerder gezien. Maar de legere zaal tijdens de tweede film werd door sommigen helaas (en ten onrechte) als dédain opgevat.

De film Het Jaar 2602

Deze film staat recht overeind als een monument voor Nederlandse ervaringen in één van de situaties van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië. Het maken ervan was een professionele uitdaging voor de filmmakers, en een organisatorische voor de Stichting die de opdracht gaf. Dat de film niet alle situaties dekt is aan ons allen duidelijk, en moet een aansporing zijn om meer films te maken, waarbij de Stichting samen met de producent Holland Harbour gaarne initiërend wil zijn. Vanuit de Stichting zullen wij graag onze ervaringen delen met mensen die deze uitdaging met ons willen aangaan. En onze website in oprichting zal zich niet beperken tot alleen de kinderen uit de jappenkampen: hij is juist bedoeld voor de historische context en andere perspectieven die in de film geen plek konden krijgen.

(13/01/2009)

Na de (voor)-première
De eerste mijlpaal is gezet, de film is nu publiek gelanceerd, en wij hebben de indruk dat hij zeer goed is ontvangen.
Onze voorzitter Jan van der Dussen gaf een inleiding waarin hij o.a. onze film tegen de achtergrond plaatst van de Canon van de Nederlandse Geschiedenis. U kunt dit stuk in pdf vorm binnenhalen door het icoon "Laatste nieuws" aan te klikken.

De eerstvolgende keer zal 'Het jaar 2602' in het reguliere bioscoopcircuit verschijnen omstreeks april/mei 2009.
Op 15 augustus 2009 komt er een vertoning van de film op de Nederlandse TV, daarna komt hij beschikbaar op dvd.

Ook willen wij recht doen aan het vele materiaal dat wij hebben gemaakt of verkregen. Dit via een nieuw op te zetten website, een tentoonstelling, een boek, en een lespakket. Hierover vindt u meer
elders op deze website.
U kunt zich inschrijven voor periodieke informatie over de stand van zaken bij deze projecten, door een mail te sturen aan hetjaar2602@hollandharbour.nl .

(09/01/2009)
De film is klaar!
Op 8 januari is de zojuist voltooide film "Het jaar 2602" in Den Haag aan de direct betrokkenen vertoond. In het tweede uur van VPRO's "de Avonden" van die dag een vraaggesprek met Linda Lyklema en Ernest Hillen over de film. U vindt het op Internet op http://www.vpro.nl/programma/deavonden/afleveringen/40966311/media/41217651/#. Het begint op minuut 41 van het 1 uur lange programma.

(jun 2008)
Voortgang met de film

Ons team is versterkt met Linda Lyklema, ervaren documentairemaakster. De eerste negen gefilmde interviews met Nederlands-Indische kampkinderen van weleer hebben inmiddels plaatsgehad. Later in juni zal de tweede reeks interviews afgenomen worden met een uitloop in de maand juli. Van de ruim 35 voorgesprekken die Linda heeft gevoerd,hebben André Van der Hout en Linda 19 mensen geselecteerd om voor de camera geïnterviewd te worden. Dezer dagen wordt beslist over additionele vraaggesprekken met specifieke personen.

In de film wordt met aktes gewerkt in chronologie, waarbij met archiefmateriaal en fragmenten uit de dagboeken van de moeders, context aan de verhalen wordt gegeven. Wij proberen voor het te gebruiken oude documentairemateriaal een zo hoog mogelijke beeldkwaliteit te bereiken. Dat betekent dat wij ons niet kunnen verlaten op videomateriaal dat vroeger van celluloidfilm is gemaakt, maar er zelf mee aan de slag moeten met de meest recente technieken. Het betekent meer werk, maar die investering is het volgens ons wel waard.
Wij streven ernaar de film eind november 2008 voltooid te hebben

Ter complementering
Wij beraden ons nog op manieren en middelen om als aanvulling van de film een uitgebreide professionele website op te zetten waarin veel van het door ons verzamelde beeld en geluidmateriaal beschikbaar kan worden gemaakt. Ieder met filmervaring weet dat het opgenomen materiaal vele malen het uiteindelijk gebruikte materiaal overtreft, materiaal waarin nog veel van waarde zit.
Wij zijn ook in onderhandeling om het vele materiaal dat wij nu hebben beschikbaar te maken voor middelbare en lagere scholen. Het is belangrijk dat deze geschiedenis voor de huidige generaties verteld wordt!

Jammer
Per 16 april 2008 maakt Henriette van Raalte-Geel geen deel meer uit van ons bestuur.
Grondslag: een verschil van mening over de film die nu in productie is. Het ging om de vormgeving en het aandeel van nagespeelde scènes in de film. Het productieteam was al eerder tot de slotsom gekomen dat het gebruik van dergelijke scènes afbreuk zou doen aan de authenticiteit van de film. Voor Henriette was dit een breekpunt, en wij hebben gehoor gegeven aan haar wens om in de te maken film niet naar haar boek te verwijzen. Maar wij zijn en blijven op schema! Het filmteam had zich namelijk vanaf het begin opengesteld voor informatie, indrukken en vraaggesprekken met een breed scala van mensen die kind waren in de Japanse bezetting van Nederlands-Indië, en is hierop gewoon voortgegaan.
Onnodig te zeggen dat wij de gang van zaken betreuren.

(nov 2007)
Momentopname
Film maken is een moeilijk in te plannen proces. Perioden van bezinning kunnen schijnbaar eindeloos lang duren totdat één enkel krantenbericht, indrukwekkend beeld of een halve gedachte de componenten eenduidig op hun plek doet vallen. Deze beperking geldt de volgende planning, maar ook de daaropvolgende gedachten en discussie.

Een beknopt beeld van de resultaten van de research is lastig. Honderden uren historisch materiaal zijn bekeken, bijna 10% ervan is bruikbaar. Veel materiaal komt vele malen langs, hergemonteerd, kortgesneden voor een ander gebruiksdoel. Dicht op de gebeurtenissen in de diverse bronnen en vraaggesprekken zijn de films die vlak na de bevrijding in de kampen werden opgenomen, een totaal ca. 15 minuten, veel meer dan de snippers die te pas en te onpas in elke herdenkingsfilm voorbij vliegen. Die verknipte rushes moeten eerst gereconstrueerd worden om ze te kunnen koppelen aan gedétailleerde dagboekobservaties, en ze zo de betekenis teruggeven die ze als filmfragmenten hadden verloren.

Minder eenduidig archiefmateriaal kan bepaalde herinneringen en kinderlijke observaties helpen invullen. Close-ups van handen wassen, een omgevallen vaas, een rijder vanuit de trein. Zo wordt met behulp van found footage een subjectief verhaal verteld met beelden van bijna surrealistische kwaliteit. Praktisch punt: pas op het moment dat kan worden aangegeven welke dagboek citaten in de film een rol spelen, kan werkelijk gericht worden gezocht.
Andere kansen liggen in de periode voor de oorlog. Voor hen die er waren is dat ten overvloede maar voor een nieuwe generatie kijkers een voorwaarde voor begrip: Het verloren paradijs heeft echt bestaan. Een wereld die bijna tastbaar is, maar tegelijk voorgoed voorbij.

Het Japanse propagandamateriaal heeft mogelijk waarde voor de film. Het leven binnen de kampen is een status quo. Een paar hectaren kamp, een eiland, terwijl buiten de wereld onomkeerbaar verandert. Terwijl de herinneringen en dagboekfragmenten zich gedétailleerd richten op wat in het kamp gebeurt, steeds meer naar binnen gericht, is er buiten een voortdurende stroomversnelling. Met de "bevrijding" van augustus 1945 raken de twee werelden elkaar. Uit de voorspelbaarheid van het kamp worden de kinderen overgebracht naar een hotel, een tijdelijk verblijf of wat dan ook, waar ze vaak veel meer vogelvrij zijn: het moment van de grootste anticlimax; het paradijs komt nooit meer terug. Langzaam groeit het besef dat alleen in Nederland nog plaats voor ze is. En daar wonen ze nu, de vertellers, daar liggen de dagboeken. Het heden van de film is Nederland. De herinneringen zijn gesitueerd in een wereld die er niet meer is, in het jaar 2602.

Planning
• Januari een eerste selectie uit vertellers en dagboekfragmenten.
• Februari een eerste versie van een scenario
• Maart het uiteindelijke scenario
• April voorbereidende discussie
• Mei begin met draaien van de film
• September begint het monteren
• November inlassen van archief, mixen en kleurcorrectie

Connie Suverkropp onderscheiden
Op14 november 2007 kreeg Connie Suverkropp, ook in onze Stichting actief, als bestuurslid, van burgemeester E.C. Bakker van Connie's woonplaats Hilversum, de versierselen opgespeld behorende bij de onderscheiding Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Dit gebeurde in Arnhem, tijdens de jaarvergadering van de Stichting Gastdocenten WO II Werkgroep Zuidoost-Azië in de Kumpulan Bronbeek.
Connie Suverkropp ontvangt de onderscheiding voor haar jarenlange doelgerichte en vasthoudende inzet voor een geschiedschrijving welke recht doet aan de ervaringen van Nederlanders in bezet, toenmalig Nederlands-Indië, een geschiedenis die zijzelf bewust heeft beleefd, die zwaar heeft ingegrepen in haar eigen familie, en die haar mede heeft gevormd.
Mevrouw Suverkropp heeft zich o.a. ingezet als bestuurslid van de Stichting Gastdocenten WO II Werkgroep Zuidoost-Azië. Deze stichting verzorgt geschiedenislessen op middelbare scholen en in de hoogste klassen van het basisonderwijs; zij heeft zich speciaal ingespannen om de historische feiten te integreren in de leergangen Nederlandse geschiedenis op onze middelbare scholen, mede via speciale projecten met het KIT, tentoonstellingen in het Museon en andere activiteiten. Voorts is zij actief in de Stichting Verfilming Japanse Burgerkampen 1942-45.
Zij heeft met haar werk vele Nederlandse scholieren de ogen helpen openen voor wat een stuk vaderlandse geschiedenis is: het voormalige deel van het Koninkrijk der Nederlanden, Nederlands-Indië. Anderzijds heeft zij de Indische gemeenschap gediend, die zich ertegen verzet dat de Nederlandse geschiedenis van de voormalige kolonie geruisloos wordt vergeten.